dinsdag 3 september 2013

Blijf lachen

Ik had een gesprek met een vriendin over wat er gebeurt als systemen belangrijker worden dan mensen. Een beetje abstract misschien, maar het kwam erop neer dat als je stopt met naar mensen te kijken als individuen met hun eigen kracht en mogelijkheden, het gevaar bestaat dat je ze gaat benaderen als onderdeel van een systeem waarbij ze in een hokje moeten passen waarvan de vorm van tevoren bedacht is.

Elke kleuter kan je vertellen dat een vierkantje niet past in een ronde vorm en een rondje niet in een driehoeksvorm. Maar mensen zijn zachter dan houten stukken in kinderspeelgoed. En dus worden ze soms toch door een vormpje geperst waar ze eigenlijk niet in passen. Dan gaan ze stuk. Daar heeft niemand iets aan, zou je denken. Behalve misschien de bedenker van het systeem die, in tegenstelling tot de gefrusteerde kleuter, die uiteindelijk meestal met de blokjes gaat gooien, in de zalige illusie kan verkeren dat zijn systeem feilloos is.

Pizza maar dan anders
Filosoferen gaat slecht op een lege maag. Dus nuttigden wij bij dit gesprek een glas wijn en iets te eten. De eigenaar van de pizzeria waar we zaten serveerde een dunne eenvoudige pizza, met heerlijke verse ingrediënten. En een broodje, een soort pizzabodem met thijm en stukjes tomaat erop. Heel simpel en erg lekker. Toen we binnen gingen afrekenen, zagen we dat hij de zaak alleen runde. Toch bediende hij zijn keuken en zijn volle terras in alle rust en heel vrolijk.

Toen we hem complimenteerden met zijn eten en opmerkten dat hij bijzonder vrolijk was voor iemand die alles alleen moest doen, zei hij: "Vroeger dacht ik dat ik moest groeien. Uiteindelijk had ik vier zaken en twaalf brommers. Altijd stress, altijd stress. Op een dag heb ik drie zaken weggedaan en alle brommers weggegeven. Gewoon weggegeven. Ik heb alleen deze zaak gehouden en daar werk ik zelf. Nu lach ik elke dag."

Moraal
De moraal van dit mooie ronde verhaal? Laat je niet in een hokje persen waar je niet in past, want dan ga je stuk. En als je stuk bent, kun je niet meer lachen.

vrijdag 9 augustus 2013

Groentecurry met witte rijst

Kennen jullie dat? Zo'n dag dat je geen zin hebt om boodschappen te doen en je op je werk al nadenkt over wat je nog zou kunnen maken met wat er nog in huis is. Ik had: een klein zakje wortelen, een zoete aardappel, stuk of acht kastanjechampignons, uien, knoflook, gember, zakje thaise rode curry uit de toko, blikje kokosmelk (400 ml), thaise vissaus en rijst. De laatste vier zijn dingen die ik sowieso altijd in huis heb, maar die je ook prima kunt kopen bij de supermarkt tegenwoordig.

Afijn, groentecurry dus, met witte rijst, voor twee personen.

Voorbereiding
Neem een pan met een dikke bodem (type braadpan)
Snipper een uitje
Snij een teentje knoflook in dunne plakjes
Snipper een duimpje gember
Maak de wortel schoon en snij in plakjes
Schil de zoete aardappel en snij in blokjes (een beetje gelijke grootte is handig voor het garen)
Maak de champignons schoon en snij ze in tweeën of in vieren (afhankelijk van de grootte)

Curry koken
Doe een scheutje olie in de pan (zonnebloem of arachideolie)
Zet de pan op een heel zacht vuurtje
Doe de ui, knoflook en gember erin en laat zachtjes sudderen tot ze glazig zijn
Voeg de champignons toe en bak ze even mee
Voeg de rode currypasta toe, roer goed, en laat een minuutje meesudderen
Voeg dan de zoete aardappel en wortel toe en meng deze goed met het currymengsel
Als laatste voeg je het blikje kokosmelk toe en een scheutje vissaus of lichte sojasaus
Roer nog een keer goed door, zet het deksel op de pan en laat alles een minuut of twintig sudderen (af en toe roeren om te zorgen dat het niet aanbrandt).
Proeven op smaak en gaarheid en eventueel nog wat zout en peper toevoegen en nog wat langer laten sudderen als dat nodig is

In de tussentijd kun je de rijst maken op de manier die je zelf prettig vindt. Ik doe het op een manier die ik van mijn jongste zusje geleerd heb en die altijd lukt.

Rijst koken voor twee personen
Zet een bakpan op een zacht vuurtje
Doe daarin twee kleine kommetjes rijst
Laat de rijst zachtjes roosteren (hij mag niet bruin worden, maar hij droogt mooi uit)
Pak een kookpan met deksel
Doe daarin anderhalf keer zoveel water als de hoeveelheid rijst Dus als je twee kommetjes rijst neemt, doe je drie kommetjes water in de pan.
Zet de pan met water op het vuur.
Als het water kookt, doe je de gedroogde rijst erbij (voorzichtig want het hete water gaat enorm bubbelen bij het eerste contact met de rijst).
Doe het deksel op de pan, zet het vuur naar zijn laagste stand
Zet de wekker op twintig minuten

De rijst is bij mij met deze methode nog nooit mislukt.

Opdienen
Rijst op een bord, curry eroverheen, een kneepje citroen (hoeft niet persé) en wat lenteuitjes (koriander en limoen is natuurlijk nog lekkerder, maar dat had ik niet in huis.

Eet smakelijk (en gezond)!

woensdag 7 augustus 2013

Knapperige salade met zachte avocado

De Lidl heeft deze week de miniromanasla in de aanbieding. Twee kleine kropjes van die heerlijke knapperige sla voor 79 cent. Omdat ook de minitomaatjes in de aanbieding waren (79 cent voor 500 gram), ik op de Albert Cuyp twee heerlijke avocado's op de kop had getikt en ik nog een restje kip overhad, was een gezonde, zomerse lunch voor op het werk snel bedacht.

Husselen
Kropje miniromanasla, buitenste bladeren eraf, goed wassen en drogen.
Twee of drie van die kleine tomaatjes doorsnijden.
Avocado doorsnijden en in stukken eroverheen doen.
Restje kip in stukjes eroverheen.
Kneepje citroen naar smaak (olie is niet nodig, de avocado en de kip zijn al romig genoeg).
Peper en zout naar smaak.
Paar snippers lenteui voor de pit.

Et voila. Gezond, lekker en snel klaar. Kan natuurlijk ook prima als zomerse avondmaaltijd.

maandag 29 juli 2013

Courgettesoep in drie varianten

De groenteboer had megacourgettes in de aanbieding, twee courgettes, samen ruim 3 kilo voor € 1,50, en nog biologisch ook. Dus ja wat doe je dan? Dan sleep je die mee naar huis (of eigenlijk sleepte mijn man ze mee naar huis) en dan maak je soep. Maar om nou zes bakken soep in de vriezer te hebben met allemaal dezelfde smaak, dat staat me dan ook weer tegen. Dus heb ik drie varianten gebrouwen. Hieronder de recepten.

Courgettesoep met yoghurt, munt en chili

Zet een soeppan op een matig vuur met een scheutje olijfolie.
Gesnipperd teentje knoflook erin (niet laten verbranden), courgette zonder schil in blokjes erbij, zachtjes smoren tot de courgette vocht begint te verliezen (10 minuten ongeveer), dan kokend water erop tot het net onder staat en een bouillonblokje erbij. Kwartiertje laten koken, staafmixer erin. In een kom doen, lepel Griekse yoghurt erin, fijngesneden munt en chilivlokken erover.

Voor erbij: Pitabroodjes met olijfolie, oregano en zout
Oven op 200 graden voorverwarmen, pita insmeren met olijfolie, zout erover strooien en oregano en dan 5 minuten in de oven.







Courgettesoep met doperwten

Dezelfde werkwijze als hierboven, maar dan met courgette, doperwtjes (ik had verse, maar diepvries kan ook denk ik), een ui en knoflook. Geen bouillonblokje bij deze versie, heel puur en een beetje zoet. Hij zit in de diepvries, maar als ik hem ga eten denk ik aan opdienen met verkruimelde geitenkaas en bieslook.











Courgettesoep met pompoen
Dezelfde werkwijze als hierboven, maar dan met courgette, ui, knoflook, gember, pompoen, en een groentebouillonblokje. Deze is iets warmer en pittiger van smaak door de gember. Maar door de courgette-pompoen-mix toch weer lichter dan een echte pompoensoep. Een zomerversie, zeg maar.




woensdag 17 juli 2013

“Een zwaan is gewoon een veels te grote eend” of hoe je de werkelijkheid vormgeeft

Mijn vader, Joop Dielemans (23-12-1931), liftte op zijn achttiende al naar Parijs en reisde tot op hoge leeftijd regelmatig naar Frankrijk en Spanje, met de fiets en met de bus. Hij is schoenmaker geweest en kok (hij maakte vroeger heerlijke soep), heeft huizen gebouwd in Ierland en was actief in de provobeweging. Maar boven alles is hij beeldend kunstenaar. Tekeningen, aquarellen, schilderijen, collages en teksten. Op papier, doek, hout, en zelfs (zijn meest recente werk) op een plastic snijplank.

De uitspraak boven dit stuk is voor mij typerend voor zijn manier van kijken. Door de zwaan, symbool van elegantie en schoonheid, op deze manier tegenover de eend te zetten, plaatst hij beiden in een nieuwe context. Met een dikke knipoog. Van de poppen die hij vroeger aan het stuur van zijn fiets bond tot zijn verzameling stenen, botten en glazen flesjes, arrangeert Joop de dingen tot stillevens of driedimensionale collages. Daarmee geeft hij de meest alledaagse dingen een nieuwe vorm en betekenis.


Een fascinatie voor ‘gewone materialen’ heeft hij altijd gehad. Zoals ook blijkt uit zijn werk uit de pre provo periode 1960-1965, dat van mei tot en met augustus te zien is bij de Verbeke Foundation in België (Westakker – 9190 Kemzeke [Stekene]). Collages en assemblages zijn het, gemaakt met kranten, foto’s, roest, zand, touw, verf en poppen. Commentaren op hun tijd en tegelijk autonome kunstwerken. Tentoongesteld in een eigen witte ruimte midden in een grote loods tonen zij hun blijvende kracht.

De totstandkoming van de tentoonstelling was een bijzondere samenloop van omstandigheden. Dunya Willeman, een bevriende kunstenares en redacteur van de Opnieuw, schreef een artikel over Joop en zijn kunstenaarschap dat gepubliceerd werd in de Opnieuw van maart 2011. Franck Gribling, een kunstenaar die Joop kent uit de jaren zestig, las het artikel toen hij koffie dronk in Café het Loosje. Dat was aanleiding om contact te zoeken met Joop en een deel van zijn werk te presenteren tijdens een tentoonstelling in galerie Locus Solus in Antwerpen, getiteld: “Spacescapes and shapes 1980-1990 en Andere tijden LSD 25, Amsterdam, 1962 een beginpunt”.

Uit het persbericht van die tentoonstelling: “Galerie LSD25 was een kortstondig bestaand kunstenaarsinitiatief in Amsterdam, dat in 1962 opende met het op de eigen ‘verzetspers’ gedrukte ‘Realistisch Manifest’ van Franck Gribling, mede ondertekend door Simon Vinkenoog, Rik van Bentum, Joop Dielemans en Theo Niermeyer. Realisme’ betekende het hergebruik van alledaagse banale materialen die getoond werden met een zo gering mogelijke ingreep van de kunstenaar, die het onaanzienlijke zichtbaar wilde maken en het bewustzijn stimuleren.

Geert Verbeke, eigenaar van het privé kunstinitiatief de Verbeke Foundation, zag de werken van Joop in Antwerpen en was direct geïnteresseerd om ze op te nemen in de zomertentoonstelling “sponsored by nature”. In verschillende grote loodsen (20.000 m2 in totaal) en 12 hectare natuurgebied is veel te zien. Installaties van Onno Dirker en Martin Uit den Boogaard, video-installaties van Jeroen Eisinga, CasAnus een kunstwerk van Joep van Lieshout waar je in kunt overnachten en een selectie van 300 collages en assemblages uit de vaste collectie van de foundation. En misschien een zwaan. Bekijk hem eens met andere ogen.

Sati Dielemans




Voor meer informatie:

maandag 3 juni 2013

It's fresh and exiting

Ik heb zo'n lekker en gezond lunchgerecht gemaakt dat ik het even wil delen.



Couscoussalade met kikkererwten

Ingrediënten voor twee personen
Couscous - vier lepels ongeveer
Blikje kikkererwten 400 gram
Een pepertje (ik had groene ingemaakte pepers uit de Turkse winkel, maar een verse rode of groene peper kan ook)
Ingemaakte citroenschil van 1 ingemaakte citroen fijngesneden (te koop bij de Marokkaanse winkel)
Een halve komkommer
Een kleine rode ui
Een bosuitje (hoeft niet persé, de rode ui is ook al genoeg)
Olijfolie
Citroensap
Zout

  1. Couscous in een kommetje doen, kokend water eroverheen en een minuut of vijf laten staan.
  2. Kikkererwten uit het blik in een vergiet doen en even afspoelen onder de koude kraan (dan zijn ze minder melig)
  3. Pepertje fijnsnijden (als je niet van heel heet houdt, de zaadjes weggooien, als je wel van heet houdt de zaadjes in je salade doen)
  4. Van de ingemaakte citroen de binnenkant weggooien en de schil fijnsnijden
  5. De halve komkommer in de lengte doorsnijden, met een lepel de zaadjes eruit halen en weggooien, van de komkommer halve maantjes snijden.
  6. De rode ui in kleine maantjes snijden.
  7. Als de couscous klaar is (altijd even proeven of het zacht genoeg is) deze ook in een vergiet afspoelen onder de koude kraan.
  8. In een slakom alle ingredienten mengen, en op smaak afmaken met olijfolie, citroen en zout.
Eet smakelijk!

Je kunt dit ook heel goed een dag van tevoren maken en de volgende dag voor de lunch eten. Ook heel geschikt voor picknicks (als het ooit nog echt zomer wordt).

vrijdag 12 april 2013

Voor de boekenliefhebbers

Ik heb de rubriek 'sati leest' aan de rechterkant van mijn blog verwijderd. Hieronder plaats ik nog één keer de namen van de boeken die in die rubriek stonden, met links naar interessante informatie erover. To whom it may concern, zullen we maar zeggen.

Jonathan Safran Foer - Dieren eten
Adriaan van Dis - Stadsliefde scenes in Parijs
Laurent Binet - Hhhh
Aimee Bender - The particular sadness of lemon cake
Albert Cossery - de mensen die god vergat
Carolyn Steel - de hongerige stad
Ma Jian - Beijing Coma
Michael Pollan - In defense of Food en Botany of Desire
Sandro Veronesi - XY
Toni Morrison - The Bluest Eye
Yoko Ogawa - The Housekeeper and the Professor

Voortaan zal ik wat uitgebreider schrijven over de boeken die ik lees en waar ik enthousiast over ben. Dat enthousiasme deel ik graag. Natuurlijk hoor ik ook graag wat anderen lezen, dus reageer vooral.

De stukjes die ik zal schrijven over boeken, zal ik opnemen met als label 'sati leest'. Als je dan klikt op dat label, krijg je alle teksten te zien over de boeken die ik kan aanbevelen. Alles geheel op basis van mijn eigen smaak en interesses, uiteraard. En als ik interessante informatie kan vinden op het web, zal ik daar naar linken.

maandag 8 april 2013

John Steinbeck

Ik ben nog steeds in de ban van John Steinbeck. Na het luisteren naar Of Mice and Men (in de vorm van een luisterboek) en het lezen van Travels with Charley en The Grapes of Wrath, lees ik nu East of Eden. En ik kan ze allemaal evenzeer aanbevelen. Wat een ongelofelijk goede schrijver. Alles leeft en heeft diepte. En hij schrijft met zoveel liefde over landschap.

Als ik zijn boeken lees, gaat mijn oog als een camera over het land dat hij beschrijft. Sterker nog, ik voel het land van binnen. Zijn landschap is vooral de Salinas Vallley in Californië, maar het kan voor mij elk landschap zijn. Omdat het gaat over hoe wij als mensen het land gebruiken, ervan eten, erop leven, liefhebben, sterven. Hoe het land waar we op leven ons vormt.

Het landschap in The Grapes of Wrath is voor mij Zuid-Spanje, waar ik als kind met mijn moeder, mijn zusjes en mijn broertje gereisd heb door de Spaanse Pyreneën en de Sierra Nevada. Ik lees over Californie, maar zie het gebied rond Granada eind jaren zeventig. Slaperige dorpspleinen deinend tussen de bergen in de middagzon die alles stil maakt. Daarbuiten, droog gebarsten land. Machtige rotsen aan de ene kant van de weg, glooiende velden vol thijm en lavendel aan de andere kant. Het beekje in het dal waar we onszelf en onze kleren wasten. De koele ochtend als het condens nog op de plantjes stond, de dag die steeds warmer werd, de droge warme middag als de velden vol gezoem waren, de lome donkere warmte in de avond, decor voor geheimen. Een landschap dat tegen je praat, dat zich in je geest en je lichaam nestelt en waar je altijd naar terug kunt gaan. Dat is waar de taal van John Steinbeck voor mij aan raakt.

Een citaat
“A large drop of sun lingered on the horizon and then dripped over and was gone, and the sky was brilliant over the spot where it had gone, and a torn cloud, like a bloody rag, hung over the spot of its going. And dusk crept over the sky from the eastern horizon, and darkness crept over the land from the east.”

donderdag 14 februari 2013

Wie het kleine niet eert

Recent vond ik een erg leuk boekje op het Waterlooplein: 100 avonturen met een pollepel van J.W.F. Werumeus Buning. Een hoofdstuk in dat boekje gaat over verse kruiden "de geuren der goede wereld". Een paar citaten wil ik graag delen.

Een twijgje van het kruid basilicum, aan de neus gehouden, doordringt de mens met fijne geur en vrede; een gering blaadje tijm, tussen de vingers gewreven, het behoeft niet meer dan een splinter te zijn, riekt naar een stille, warme wereld ...... Het is goed aan kruiden te ruiken in dagen van zwarigheden; ze ruiken naar de goede wereld."

Nadat hij de fijne kenmerken van deze kruiden bezongen heeft, gaat hij in op het feit dat ze in de keuken heden ten dage (1939) niet meer gebruikt worden.

"Zij behoren tot de wereld der kleine dingen die onsterfelijk zijn, en wij bemoeien ons zo druk met de grote dingen die sterfelijk zijn, dat wij nauwelijks tijd hebben voor al dit kleine en kostelijke. Wanneer men weten wil hoe haastig en liefdeloos en onbeschaafd de wereld geworden is - al schrikt ze dan af en toe nog eens wakker uit haar droom van hogere beschaving, als dezer dagen- dan kan men onder anderen eens in een kruidentuin gaan wandelen, een zeer leerzame les."

Dat er geen verse kruiden meer gebruikt worden ligt, aldus Buning, niet aan de kosten en niet aan de groenteboer, maar aan "het feit dat u en ik te onbeschaafd zijn geworden om om kruiden te vragen". En om ze te gebruiken in de keuken. En de mensen die zich afvragen of dat nou zo erg is, waarom niet gewoon een potje of zakje van het een of ander gekocht, geeft hij het volgende antwoord:

"Maar keer de zaak eens om: denkt ge soms dat een wereld, die de goede en eenvoudigste kleine dingen niet meer kent, die haar kruiden voornamelijk in gepatenteerde sausfleschjes, haar groenten in blik, haar politiek in slagzinnen, haar religie in gemakkelijke en vereenvoudigde vormen en haar literatuur in bevattelijke richtingen kent, de ware en de beste wereld is?"

En het hoofdstuk eindigt met:
"Ga op avontuur met de marjolein, de tijm en de pimpernel, de kervel en de basilicum, de dragon en de kruizemunt als ge wat van koken wilt leeren verstaan, ge kunt er eeuwenoude en troostrijke werken des vredes mee verrichten; het kost niets, slechts liefde, zorg en kennis, in een woord, goede wereldsche beschaving; datgene, wat Europa dezer dagen zoo bitter noodig blijkt te hebben."

woensdag 23 januari 2013

Optimist

Als je als zzp-er eens even geen werk hebt, hoef je gelukkig ook niet te doen alsof. Dus ben je soms zomaar even vrij. Die momenten gebruik ik graag om nuttige dingen te doen in een heel onnuttig tempo. Zoals naar de tandarts gaan en daarna heel omslachtig terug naar huis fietsen. Liefst via een onlogische route met veel ruimte voor zijpaden en dwarsstraten, zoals in een goed gesprek. Als je je ogen openhoudt, sowieso wel handig tijdens het fietsen, praat de stad soms terug.

Vandaag fietste ik over de grachten van Amsterdam en door de negen straatjes. Het viel me op hoe stil het overal was. Een leeg koffiehuis, een broodjeszaak met één klant, een café met een slapende kat op een barkruk, een winkel met fleurige jurkjes die wanhopig proberen vol te houden dat het geen januari en min tien is. Stilte. Overal. Mooi, maar ook een beetje treurig.

Toen fietste ik langs de Nieuwezijds Voorburgwal waar normaal gesproken twee keer in de week een postzegelmarkt gehouden wordt. En, geloof het of niet, midden op het kleine plein, in de sneeuw, zat één verkoper achter een rijtje boeken met postzegels. De rest van het plein was leeg. Ik fietste verder en vroeg me af: is dat nou die optimistische ondernemer die onze economie gaat redden? Of is ie gewoon gek?

maandag 14 januari 2013

Pauze

Een lichtgrijze middag. Ik heb haast, maar het oudste smoesje van de wereld wordt voor mijn ogen werkelijkheid. De brug gaat open. De slagboom aan de overkant is al dicht. Ik overweeg de brugwachter lief aan te kijken en te vragen of ik er nog onderdoor mag. Maar terwijl ik twijfel over wel of niet vragen, gaat de slagboom ook aan onze kant omlaag. De brugwachter haalt een hendel over. De brug laat met een knal los.

Fietsers en wandelaars trappelen van ongeduld. Drie zwanen glijden als drie gratiën over het water en het houten salonbootje, waar dit allemaal om begonnen is, komt langzaam dichterbij. De brugwachter plaatst een hendel in een draaimechanisme en hangt zijn hele gewicht eraan om de brug omhoog te krijgen. Bij elke draai piept het onwillige metaal. De overkant wordt langzaam onbereikbaar.

Het water is donkerbruin, de afstand tot de kade groot. Even waan ik me in een stad zonder bruggen. Een verzameling eilandjes zonder de vanzelfsprekendheid van een doorgaande weg. De zwanen vermoeden gevaar. Ze zetten hun veren hoog op en even lijkt het erop dat ze zullen opvliegen. Maar eentje duikt met zijn kop in het water alsof hij hier niets mee te maken wil hebben, en de rest schuift braaf naar de kant.

De schipper begroet de brugwachter. Wij wachtenden blijven stil staan, als brave schoolkinderen die niet durven te praten als de meester voor ze het schoolplein oploopt. Het voorbijgaan van het bootje duurt niet langer dan een minuut. De brugwachter herhaalt zijn ritueel in tegenovergestelde richting. Brug omlaag en vastzetten. “Het is toch een mooi systeem”, zeg ik, onder de indruk van de romantiek van het moment. “Het is een klotesysteem”, antwoordt hij in onvervalst plat Amsterdams. En terwijl hij de slagboom omhoog duwt moppert hij nog even door “veel te zwaar”. Ik lach. De stilte is voorbij.

Naast mij rennen de losgelaten schoolkinderen naar de overkant. Een vrouw kan haar ongeduld niet bedwingen en duikt, met fiets en al, onder de nog neergelaten slagboom door. De brugwachter schudt zijn hoofd en met een zucht duwt hij ook de tweede slagboom omhoog. Ik vervolg mijn wandeling. Met iets minder haast.

maandag 8 oktober 2012

Travels with Charley

Ik heb John Steinbecks Travels with Charley ontdekt via Geert Mak's Reizen zonder John, waarin hij de reis van John Steinbeck door Amerika nareist. Hoe ingewikkeld kun je tot een boek komen? Maar deze minireis was zeer de moeite. Het boek van Geert Mak vond ik interessant, omdat hij vooral ingaat op het huidige Amerika, met ontwikkelingen die soms huiveringwekkend lijken op de onze.

Maar dan het origineel van John Steinbeck. Wat een prachtig boek is dat. Met zinnen als:  "through my own efforts I am lost most of the time wihtout any help from anyone." Ik hou van dat soort taal die heel precies iets beschrijft, maar ook op andere niveaus te lezen is.

Of geweldige macho taal als deze: "If I were hungry, I would happily hunt anything that runs or crawls or flies, even relatives, and tear them down with my teeth."

Lezen dus.

donderdag 12 juli 2012

Risotto met tuinbonen en munt



Voorbereidingen
Zet een halve liter bouillon klaar (ik had een groentebouillon blokje met een halve liter water, maar je kunt elke andere bouillon ook gebruiken).
Zet 250 gram gedopte tuinbonen klaar (vers is het lekkerst, maar uit de diepvries kan ook).
Zet een schaaltje geraspte Parmezaanse kaas klaar.
Snij de blaadjes van drie of vier takjes munt fijn en zet klaar.
Zet de pepermolen klaar.

Koken
Zet een pan met ruim water op het vuur (om straks de tuinbonen in te koken).
Doe een bodempje olijfolie in een andere pan met een dikke bodem (als je die niet hebt kan een gewone pan ook, maar dan moet je nog beter opletten met roeren).
Doe de risotto rijst erbij en roer even door totdat alle rijstkorrels bedekt zijn met olie.
Doe dan langzaam steeds een beetje bouillon erbij en roer totdat de bouillon opgenomen is door de rijst.
Proef af en toe of de rijst al zacht genoeg is naar je smaak. Zo niet, dan voeg je nog wat bouillon toe en blijf je roeren.
Als alle bouillon opgenomen is en de rijst gaar, zet je het vuur uit.
Doe de tuinbonen in de pan met het kokende water en kook ze ongeveer 3-5 minuten (afhankelijk van de grootte van de bonen duurt het koken korter of langer). De bonen moeten nog een beetje bite hebben.
Giet de bonen af en laat ze even uitlekken.
Doe een klontje boter bij de risotto en roer goed door.
Voeg de Parmezaanse kaas beetje bij beetje al roerend toe aan de risotto.
Voeg de tuinbonen toe aan de risotto.
Voeg de munt toe aan de risotto.
Geef een flinke draai aan de pepermolen.
Eet smakelijk!

Erbij
Omdat de risotto met de kaas en bonen zo romig is, vond ik het lekker om er nog iets fris bij te eten, zoals een tomaten of groene salade.

dinsdag 10 juli 2012

Reizen zonder voorkennis


Vrij van dagelijkse dingen, danst mijn blik door de straten.
Levende vissen in rode plastic babybadjes, dode eenden tussen de schone was, kakelende kippen, zoete aardappels roosterend in een olievat.
Jin Mao kijkt op ons neer, 420 meter staal en glas.
Monniken in oranje gewaden behangen de tempel met briefjes die voorspellen of het een goed leven wordt, een goed huwelijk, een goede reis. De Boeddha lacht.

Resultaten uit het verleden bieden geen garantie voor de toekomst.



Als ik aan Lissabon denk, krijg ik al heimwee

Als ik aan Lissabon denk, krijg ik al heimwee.
Zeg je Barcelona, dan ruik ik tortilla en serrano ham.
New York is stof en oude mensen in de metro.
Sjanghai een mierenhoop met een kopje thee.
Ik hoor de tropische Balinese regen op mijn klamboe.
Voel de stilte van de Ardennen in mijn hart en hoofd.
Griekenland dat is een leeg strand met de allerliefste.

Overal kan ik thuis zijn en dat is natuurlijk fijn.
Maar ik heb altijd heimwee.

maandag 18 juni 2012

Het geheugen van de tuin

Omdat ik tot nu toe tuinier zonder al te veel systeem (deels bewust, deels wegens tijdgebrek) vergeet ik soms waar ik wat neergezet heb. Dus maaide ik bij het verwijderen van onkruid tussen de tuinbonen rücksichtslos de dille weg die ik daar een week eerder geplant had. Met excuses aan mijn tuinvriendin die de dille in de kas tot plantje gekweekt had. 

Maar ik vind ook vaak dingen terug die ik vergeten was. De koriander die ik gezaaid had naast de knoflook. Wat een verrassing toen ik die mooi gekartelde blaadjes op zag komen. En de harde wortel die ik tijdens het spitten aantrof, wat was dat ook al weer? De geur gaf het antwoord. Mijn handen roken naar soep, dat kon alleen maar lavas zijn.  De rabarber die ik vorig jaar opgegeven had kwam onverwacht groots terug naast de composthoop met waaierbladeren en dieprode stengels. 

Koriander, lavas, goudsbloem, zuring, rabarber, vrouwenmantel, viooltjes, wandelen door de wanorde van mijn tuin wordt steeds meer een ontdekkingstocht. Mijn stadsde hoofd begint langzaam een plantengeheugen te ontwikkelen. De goudsbloemen hebben mijn wiedende handen overleefd. Nu is het wachten op de zon om te zien wat er nog meer opkomt in de tuin.

Zij vergeet tenslotte niets.

donderdag 14 juni 2012

Slechte zomer, mooie tuin


Er is veel mislukt in de tuin dit jaar door het rare weer. Eerst heel warm, toen weer koud, toen wisselvallig. Mijn radijsjes (eerste keer) waren oogstbaar, maar heel houtig. Ze hadden zich gehard tegen de kou. De spinazie was doorgeschoten terwijl hij nog niet eens groot genoeg was om te oogsten. Arme spinazie. De snijbiet was maar heel minimaal opgekomen, maar wel een beauty met die prachtige rode stengels. De peultjes leken goed te gaan. De struik hing vol en ze daagden me uit om ze te plukken. Maar echt lekker waren ze niet. De smaak was goed, maar de structuur erg draderig. De dille heb ik zelf omgebracht (een week nadat ik hem geplant had). De sla is geen krop geworden, maar de losse blaadjes zijn met een beetje olijfolie en rode wijnazijn toch erg lekker. De Andijvie was heerlijk. Zacht en een heel klein beetje bitter. Perfect voor een oma-stamppotje met een gehaktballetje. En nu?

Nu heb ik mijn hoop gevestigd op de onverwoestbare tuinbonen, de knoflook die gestaag doorgroeit wat voor weer het ook is, pompoenen en courgettes, tomaten (als de zon ooit nog besluit te gaan schijnen), aardperen, pastinaak, wortels en bessen en, en, en, en .....

Het is een slechte zomer, maar het blijft een mooie tuin.

zaterdag 9 juni 2012

Omdat het niet anders kan

Besluiten wie je favoriete dichter is, is bijna net zo onmogelijk als besluiten wie je beste vriend is. En bijna net zo ridicuul. Als je toch probeert te bedenken wie er favoriet is, komen alle oude geliefden weer eens langs. Mijn eerste kennismaking met de poëzie was een gedicht van Neeltje Maria Min.

Mijn moeder is mijn naam vergeten, mijn kind weet nog niet hoe ik heet.
Hoe moet ik mij geborgen weten?
Noem mij, bevestig mijn bestaan, laat mijn naam zijn als een keten.
Noem mij, noem mij, spreek mij aan, o, noem mij bij mijn diepste naam. 
Voor wie ik liefheb, wil ik heten.

Neeltje Maria Min, De Gedichten Uitgeverij Bert Bakker Amsterdam ISBN 90 351 0818 3

Jarenlang is dit gedicht voor mij het ultieme geweest. De eenvoud en het ritme vond en vind ik indrukwekkend, en ik schreef het in ieder nieuw dagboek op de eerste pagina. Nog altijd ben ik van mening dat er geen woord teveel in staat. En dat is voor mij een van de kenmerken van goede poëzie.

Gerrit Kouwenaar is de eerste dichter van wie ik dingen las die ik onbegrijpelijk vond, maar desondanks zo mooi dat ik bij het lezen alsmaar dacht "als je toch zo naar de wereld kunt kijken en wat je ziet kunt weergeven in een taal die zo loepzuiver is." Alleen al de titel van een van zijn bundels, "de tijd staat open", blijft me overvallen, omdat zich telkens aan me opdringt dat je dit op geen enkele andere manier zou kunnen zeggen. Opvallend is ook het gedachtestreepje waarmee hij zijn gedichten eindigt, alsof er nooit echt een einde aan komt.

Men moet zijn zomers nog tellen, zijn vonnis
nog vellen, men moet zijn winter nog sneeuwen

men moet nog boodschappen doen voor het donker
de weg vraagt, zwarte kaarsen voor in de kelder

men moet de zonen nog moed inspreken, de dochters
een harnas aanmeten, ijswater koken leren

men moet de fotograaf nog de bloedplas wijzen
zijn huis ontwennen, zijn inktlint vernieuwen

men moet nog een kuil graven voor een vlinder
het ogenblik ruilen voor zijn vaders horloge -

Gerrit Kouwenaar, De tijd staat open, gedichten Querido ISBN 90 214 7158 2

Als laatste wil ik Esther Jansma noemen om de ongelofelijk standvastige breekbaarheid van haar beelden. Ze staan als een huis, maar lijken opgebouwd uit spinnendraad.

Afwezigheid
Zoals rozen openen, je ziet het niet,
een roos is een roos is, is plotseling weten:
wat werd gezegd zegt zich weer, missen
is veelvoud, blijft opengaan in het nu
En je begrijpt niet hoe. Je ligt in het hart
en je wachten niets zoekt je, niets
slaapt je naar het licht, blijft zich ontvouwen
terwijl het valt in zichzelf.

Esther Jansma Hier is de tijd De Arbeiderspers ISBN 90 295 2283 6

woensdag 18 april 2012

Besluiteloze dagen

Buiten schijnt een waterig zonnetje. Het lentegroen hangt er een beetje verlept bij. De bomen twijfelen tussen meer blad maken of nog even wachten tot deze kou weer voorbij is. Besluiteloze dagen.